Mauritius

Mauritius

Hieronder enkele flarden van de nota’s die ik tussen mijn papieren van destijds heb teruggevonden… Het was een korte reis en het is niet bijster veel, maar het geeft toch een idee van de sfeer daar.

Woensdag

Rond 12.00 uur vertrokken met de bus, richting station, en daarna met de trein naar de luchthaven. Rond 14.30 uur kennisgemaakt met de medereizigers aan de Sun Air balie. Om 17.00 uur vertrekt het vliegtuig richting Mauritius, met een tussenlanding in Wenen. Achter ons zitten Frans M. & zijn vrouw, die last heeft van een keelontsteking. Er zijn heel wat turbulenties en het is niet evident om te slapen. Van film genoten ‘The perfect crime‘, met Michael Douglas, en nu en dan wat ingedommeld. Zoals meestal is het weer niet evident om de knop ‘vakantie’ in te schakelen en mijn gedachten dwalen af naar ‘thuis’… Nu komt Wim van school, zou marraintje wel veilig door de sneeuw geraakt zijn, zou ze de sleutel wel mee hebben… zou, zou, zou… zou Guy zijn evaluatiegesprek al achter de rug hebben… zouden Ann & Tim… zou er niets dringends zijn op het werk?

Het eerste contact met de crew aan boord van het vliegtuig geeft meteen de teneur aan van onze reis. De airhostessen zijn sierlijk, verfijnd en vriendelijk zoals alleen Indische vrouwen dat kunnen zijn en de mannelijke collega’s hebben klasse en zijn hoffelijk. Rond 10.00 uur ’s morgens landen we, waarbij het netjes in rietvelden ingedeelde landschap ons verrast… we stappen uit in de gutsende regen. De vochtige tropische warmte omhult ons als een zachte lauwwarme deken en de weldoende gulle vibraties van de Mauritiërs verwarmen onze verkleumde en verstarde wintergedachten. Na de gebruikelijke formaliteiten installeren we ons in het busje en maken kennis met de mooie en vriendelijke Christiana, onze gids. We vernemen dat het eiland 65km lang en 45km breed is en dat de bevolking voor 50% uit Indiërs bestaat.

De rit van ongeveer één uur, geeft ons een idee van de natuur, die hier en daar nog wellustig vrij is en de kans krijgt om te gedijen in een heerlijk klimaat. Hier en daar Indische tempels en huizen met vooraan een schrijn met witte vlag, dit  laatste om het kwaad buiten te houden weet onze gids ons te vertellen.

Ons hotel ‘The Residence‘, met koloniale sfeer, herinnert ons aan Jamaica. Het personeel begroet ons eerbiedig met een Namaste-groet, hiermee laten ze blijkbaar zien dat ze als persoon in balans zijn en hun gasten respecteren. We krijgen een verfrissende welkomdrink en worden voorgesteld aan de manager. Daarna worden we door een vriendelijke dame naar onze kamers geloodst waar een rustige en aangename Zen-sfeer heerst. De kleuren van de stoffen – ecru of delicaat wit -, kaneelgeuren, de beige-witte natuurstenen vloer, een ruime badkamer en zeer ruime aparte douchecel, met plaats voor 4 personen, een weelderig bloeiende witte orchidee en een mooi terras met adembenemend zicht op de zee en palmbomen… De bloemen floreren hier in alle mogelijke kleuren en het zwembad en brobbelbad zijn uitnodigend.

We nemen een stortbad en trekken vlug richting strand, fluks afgeboord met het transparante, lichtblauwe water van de branding.

Donderdag

Rond 6.30 uur was Yves al op. Na een vlug stortbad & ontbijt om 9.00 uur met busje vertrokken, richting ‘Jardin de Pamplemousse‘, we maken er kennis met de overweldigende, kleurrijke flora en de vele soorten palmbomen uit de vier uithoeken van de wereld (o.a. de palmier impérial, ‘wandelende’ palmbomen, palmier en éventail, die we ook al elders gezien hebben en die er een heel ingenieuze manier van watercollectie op nahoudt). De ‘bloedende bomen’, die in Madagaskar voor Voodoo-doeleinden worden gebruikt, de ‘talipot’ palm, die 60 jaar nodig heeft voor hij bloeit en daarna moet geveld worden. Prachtige waterlelies en een groep  ietwat surrealistisch aandoende verzameling lotusbloemen. De reuzenschildpadden – de zon mijdend en samenhokkend onder een afdak – midden de pracht van een ongebreidelde natuur, hadden iets van het treurige van dieren in gevangenschap. De plantentuin kwam er tijdens de Franse kolonisatie (1715-1810) en wordt keurig onderhouden.

Daarna trokken we naar de markt van Port Louis. We kregen een uurtje de tijd om de markt te verkennen. De geur van Indische kruiden, gesticulerende en marchanderende handelaars, jonge en oude getaande gezichten. Het geheel heeft iets charmerends, maar ook iets angstwekkend. Sommige handelaars blijven maar aandringen en het liefst zou je het soms willen uitgillen dat je nu eindelijk eens met rust wil gelaten worden. Na heel veel afbieden door Yves, wat kruiden en een prachtig groot ovaal met de hand geborduurd tafelkleed aangekocht. Ook nog een set van 3 koperen dodo’s (groot, middelgroot, naar klein) – die later op de vensterbank voor de foto’s van Ann, Guy en Wim zouden prijken – en een vulkaansteen gekocht. Na het afbieden besluit Yves steevast met de woorden ‘on est content, tout le monde est content?‘, wat wordt afgesloten met een flinke handdruk.

De rit gaat verder naar de ‘Domaine les Pailles‘, waar we een idee krijgen van de diverse stadia van het verwerkingsproces van suikerriet. Ook is er aandacht voor de afgeleide producten: ‘pagan’, rum, meststoffen, veevoeders. Er is een authentieke suikerrietmolen, die aangedreven wordt door een os. Daarna volgde een lekker maal in restaurant ‘Indra’, waar Indiërs, het hoofd opgesmukt met kleurrijke tulband, voor een heerlijk maal zorgden. Na de lunch volgden we een Creoolse gids die uitvoerig toelichtte hoe uit suikerriet rum, suiker en essentiële oliën worden gepuurd.

Daarna volgde een bezoek aan het mooie koloniale huis ‘Eureka’, met zijn 109 deuren. In dit 150-jarig huis leefde een familie met 17 kinderen. Het authentieke meubilair, de curiosa en antiquiteiten dompelen ons onder in de koloniale sfeer van de XIXde eeuw. Het weidse kader moet een heerlijke plaats geweest zijn om op te groeien… Het bood shelter aan een paar generaties, nu wordt het gewoon door de familie ter beschikking gesteld voor toeristische bezoeken.

We bezoeken verder de havenstad ‘Port Louis‘, met mooie winkels in de docklands. Op straat ben je getuige van het vanzelfsprekende nonchalante, optimistische karakter van de bevolking… een kleurrijke mix van rassen die samen een harmonisch evenwicht hebben weten te bereiken.